En shit hé, wat een start. In plaats van 1 December 11.00 begon de Challenge al een aantal dagen eerder. Vrijdag voor vertrek waren we met Daddy Disco op pad voor de laatste voorbereidingen. Na een hoop aankopen komen we terug bij de auto. Wat zien we, een mooie roestige spijker steekt in de rechterachterband.
Thuis knallen we het reservewiel erop en starten een zoektocht naar een reservewiel – onmogelijk! Tja, dan maar maandag nog wat bedrijven langs… Zondag daarentegen heeft de Discovery helemaal geen zin om te starten, dat lukt pas na een keer of 10 proberen. En fijn loopt ie niet. Last moment spring ik in de auto richting ouders in Drenthe voor een sleutelbeurt. We ontdekken een hoop technische mankementen wat we hopelijk maandag nog kunnen oplossen.
Pap’s – met een flinke dosis meer autokennis – ontdekt nog meer problemen. Met de korte tijd op de klok kunnen we wel het één en ander maken… maar niet goed startklaar maken. En als ie de start haalt… haalt de Disco dan wel Dakar? Lastig parket. Ik bel Arthur – de organisatie van de Challenge – die even later met de oplossing komt. Het is dan rond twee uur, maandagmiddag.
Arthur vertelt dat er nog een auto is van de 3FM actie (die gaven wat auto’s weg om in te rijden). Een zonnestraaltje van een Renault Laguna. Die mogen we hebben… maar… dan moeten we wel gelijk in de auto springen, racen naar Utrecht waar we ‘m op kunnen halen. Even nadenken… ach, doen we ook gewoon!
In Utrecht laten we last minute, vlak voor sluitingstijd van postkantoor de auto op naam schrijven. Daar sta ik dan met een Renault Laguna, toestand ombekend. Even testen, hij lijkt redelijk op peil maar slimmer is om naar Drenthe terug te gaan om in de garage de auto op orde te maken.
Mijn kamer gooi ik overhoop, raak m’n spullen bij elkaar en smijt het achter in de auto. Wouter en ik rijden samen met mijn vader naar Drenthe. Even eten… en dan knallen! Cd speler erin bouwen. Gat boren voor een antenne en aansluiten op een 27 mc bakkie (om met andere teams te communiceren). Stickers van de Discovery eraf, op de Laguna. En, een kijkje onder de motorkap. Lijkt stabiel alleen wat koelingsproblemen. Van een uurtje of 7 ’s avonds tot na één uur ’s nachts zijn we aan het racen om alles in orde te maken.
’s Ochtends voor zeven uur vertrekken we naar Amsterdam voor de start. Gaat gesmeerd! De auto tuft er lustig op los, geen problemen. Maar vlakbij Diemen wil ik ga geven en ineens: knal…. De gasplank knapt, langs de kant van de weg… En, als we uitstappen ontdekken we ook een lekke band. Dat is mooi ruk, nog geen eens bij de start en al panne. Kansloze situatie. Is de trip al over voor de start?
We bellen wat garages rond maar niemand heeft de band op voorraad. “Die zouden we moeten bestellen”. Plots komt er een verkeersregelaar van de Rijkswaterstaat even kijken wat die twee idioten daar langs de weg staat te doen. Hij belt een sleepwagen die ons bij de afslag van Diemen neerzet. Gratis – weer een sponsor erbij! Ondertussen is Arthur voor ons naar een garage gegaan om een extra band met velg te scoren. Tijdens het wachten pimpen we de auto in Kerststemming, met Klaus onze mascotte bovenop. Na vertrek komt Arthur met zijn bijrijder Pieter bij ons langs. Onder teamnaam No Guts, No Story rijden ze in een Volvo Amazon uit 1968, beduidend minder problemen dan onze ‘nieuwe’ auto uit 1995. Wij gooien er een nieuwe band op. Pieter is gelukkig enorm handig en sleutelt het gas om met een kabel de auto in. Met een kabeltje kan de bijrijder – ja, bijrijder – gas geven.
Daarmee rijden we achter hun aan naar het Media Park. Bij 3FM staat nog een vertrek gepland op de radio. Daar kan ik voor het eerst de camera uit mijn tas wippen voor wat shots, tevens leuk om even op adem te komen en te ouwehoeren met de andere teams. Folkert en Joost – Team Oppasbron – en Rezenne en Pieter – Team Poernaka – zien we nu pas! Grappig. Dan, het vertrek… we zien alle auto’s wegrijden. Maar wij zitten nog met een kapotte gaskabel.
Gelukkig heeft moedertje lief op internet een Renault dealer (Stam) in Hilversum gevonden waar we heen weten te koersen. We worden super geholpen! Binnen een mum van tijd zit er een nieuwe gaskabel op de auto en ook komen we erachter dat de band niet lek was, maar het ventiel vol problemen zit. Dus met een nieuw ventiel in de band en een bijgesleutelde gaskabel kunnen we dan eindelijk van start. We’re on the road, maar voor hoelang?
Damn! Wat een rit. Toen we eindelijk Nederland uitreden was het al aardedonker. Grotendeels op gevoel, gecontroleerd door de kaart kwamen we vlak voor middernacht bij de verzamelplek van dag één aan. Een prachtig chateau vlak onder Parijs. Daar zat iedereen al relax een drankje weg te tikken.
In alle vroegte, na een bon nachtrust, koers gezet naar Spanje. Het echte kilometervreten! Een dikke duizend kilometer op één dag over de snelweg. Dat deden we met een konvooi van een team of tien. Erg leuk dat iedereen bij elkaar blijft. Dat staat ook garant voor vet filmmateriaal en genoeg onderling geouwehoer. Met een bakkie kunnen we à la walkie talkie voortreffelijk communiceren. Bedacht als praktisch communicatiemiddel, wij gebruiken ‘m als lalbak en moppentapkanaal.
Dag twee eindigde in Burgos, noord Spanje. Dan door naar de pond, zuid Spanje. Op weg naar Marokko. Op een enkel sleutelprobleempje na vlekkeloos verlopen. De Laguna – onze ‘tweede keus’-ontpopte zichzelf tot een ware asfaltverslinder. Geen enkele hapering.
’s Avond s komen alle teams bij elkaar. Daar vinden we Folkert in een half zatte en kaalgeschoren toestand al vrolijk op ons te wachten. Hij was samen met Joost in één ruk doorgereden vanaf Amsterdam.
Dan een nare mededeling. Arthur en Jelmer (organisatie Amsterdam – Dakar en 3FM) vertellen dat er ongeregeldheden zijn in Mauritanië. En flinke ook. De route die anders altijd wordt genomen staat de laatste week stijf van ontvoeringen, kidnappen en andere nare taferelen. Via contacten is gebleken dat het onveilig is – of simpelweg flink dom – om door Mauritanië te reizen. Tsja… de problemen met de auto waren al een flinke klauw die ons leken te weerhouden om Dakar te halen. Nu komen de problemen in Mauritanië om de hoek.
Goed, ff slikken. Wouter en ik besluiten toch een ticket naar Marokko te kopen. Volgende ochtend tuffen alle teams door naar de pond en een paar uurtjes later arriveren we aan de andere kant. Vrij vlot komen we door de douane en rijden met een aantal teams op naar het volgende dorp voor een autoverzekering. Met team Discovery blijven we om een extreme route te nemen door mooie bergdorpjes.
Goed slingerend door de bergen komen we langs schilderachtige berglandschappen en minuscule dorpjes. De foto’s spreken voor zich. We komen aan in Fes waar we met een aantal teams de lokale medina induiken voor een goed hapje Marokkaanse cuisine en zetten tegen de nacht de tent op bij een lokale camping.
Met team Discovery en Haydewitska rijden we de volgende dag op. Eerst een stukje asfalt, maar dat gaat snel over op slechter en slechter. De uitzichten worden alsmaar beter. Aan het einde van de dag meren we aan op een verlaten plekje vlak buiten een stoffig dorpje. Van de weelderige Mediterrane landschappen is weinig meer over vlak na de pond. Hier gaat het over op desert!
Gehuld in complete duisternis slaan we kamp op, maken een kampvuurtje en brouwen een lekker campingmaaltijdje in elkaar. Daarna, lekker onder de wol. Nou ja, onder de blote sterrenhemel. Veel minder luchtvervuiling als in Les Pays-Bas dus je ziet genoeg. Langzaamaan vallen we in slaap. De kou slaat toe en ’s nachts is het bibberen.
Waarschijnlijk namen we een verkeerde afslag want de volgende dag is het voornamelijk karrenspoor. Op de kaart en GPS lijkt de weg – nouja weg… – die we hebben nog wel ergens op uit te komen maar naarmate het later en later wordt ebt die illusie een beetje weg. Met een Ford Escort, een oude Audi 80 en onze Laguna tuffen we met een slakkengangetje over keien. Net na de middag stoppen we bij een verdwaald huisje. Ezels en schaapjes dwarrelen er omheen, de omgeving bestaat uit dorre heuvels bezaaid met stenen. Een jongen van een jaartje of 16 komt naar buiten we vraagt of we wat chai willen – thee dus. We gaan rustig zitten in het gastenverblijf en in een mum van tijd wordt de verse muntthee ingeschonken. Daarna volgt verse melk – van de eigen kudde hoogstwaarschijnlijk – en vers gebakken brood. Heerlijk! Een prima rust momentje.
Buiten zakt de zon langzaam weg en naarmate het donkerder word lijkt het er steeds meer op dat dit dat waar we inzitten geen uitweg heeft. De GPS geeft aan dat we amper 50 kilometer hebben afgelegd. In het donker – Martijn van team Discovery rent steeds vooruit met een zaklamp – weten we de trails een beetje te vinden. Onze auto’s zijn zeker niet geschikt voor deze barre omstandigheden. Steen na steen klettert onder de bodemplaat en af en toe valt de bumper er af. Die laatste weten we steeds vast te maken met een aantal tie wraps.
Stukje bij beetje weten we ons er door te worstelen. We meren aan midden op een berg als we het zat zijn. Snel maken we een hapje eten en vallen in slaap in ons tentje. Met moeite worden we vlak na zonsopgang weer wakker en zien een verlaten landschap. Geen boom te bekennen, vooral een heuvels met stenen.
We zitten snel weer op een goeie track – in het donker navigeren is knap lastig. Het ploegen met de auto’s heeft wel voor wat mankementen gezorgd. De mannen van Haydewitska zitten met een kapotte V-snaar en bij team Discovery lekt de benzinetank. Nu zitten we even te relaxen in een cafeetje in Missour, oost Marokko.
Dit is de eerste plek waar we een computer vinden vandaar de karige berichtgeving. Filmpjes van de trip volgen!